19290706 Constant van Wessem De Vrije Bladen aan Matthijs Vermeulen

Constant van Wessem (De Vrije Bladen)

aan

Matthijs Vermeulen

 

Hilversum, 6 juli 1929

 

Hilversum, 6 Juli '29

Dalweg 15

Waarde Heer Vermeulen,

U herinnert zich nog wel, dat eenigen tijd geleden Marsman moeite deed voor een aparte uitgave van uw Fransche kronieken in De Gids, aangevuld met eenige van uw muziek-essays. De uitgave, zooals Marsman die voorstelde, werd niet door de uitgevers geaccepteerd. Maar er bood zich inmiddels een andere gelegenheid aan, die de verwerkelijking van dit plan, zij het dan ook met eenige wijziging, mogelijk maakt.

Het is u misschien wel bekend, dat Marsman en ik, met Binnendijk, "De Vrije Bladen" leiden. Wij geven ieder jaar een bijzonder nummer uit, aan een speciaal onderwerp gewijd. Verleden jaar konden wij op deze wijze een kleine "schuld", die de jongere dichters nog jegens Herman van den Bergh hadden af te doen, vereffenen, door zijn indertijd zoo belangrijke "Studien", in bloemlezing gebundeld, eerst in ons bijzonder nummer en vervolgens als aparte uitgave te laten verschijnen.

Het zelfde plan hadden wij nu met uw vroegere opstellen over muziek, die in De Telegraaf en elders verschenen, in de gedachte. Indertijd, al weer zooveel jaren geleden, is er van andere zijde een poging gedaan om tot zulk een uitgave te komen. Dit werk is nog steeds te doen, zij het dan in iets bescheidener afmetingen. En mij dunkt, het ligt ditmaal op ongezochte wijze in den lijn van ons tijdschrift het oude plan nogmaals te entameeren. Wij stellen ons daartoe thans met u in verbinding, in de eerste plaats om uw toestemming, en dan om uw medewerking.

Het is mogelijk, dat u inmiddels dit plan als verjaard zou voor komen en dat u mocht meenen, dat een dergelijke herdruk van uw vroegere muziek-opstellen en artikelen overbodig was geworden. Ik kan u dan de verzekering geven, dat dit geenszins het geval is en dat er in het algemeen, ook onder de jongere kunstenaars, een groot verlangen bestaat deze vrijwel onbereikbaar geworden stukken, in een bundel vereenigd, te mogen bezitten. Wij ondernemen dit plan dan ook in de vaste overtuiging, dat wij er zoowel van muzikaal als van literair standpunt een geenszins overbodig werk mee verrichten.

De kwestie is nu: hoe kunnen wij zulks het beste inrichten? De uitgevers van "De Vrije Bladen" stellen 80 vrij groote bladzijden van het formaat als hierbij gaat voor uw bundel ter beschikking, evenals een honorarium van f 120.- voor den eersten druk, d.w.z. voor de verschijning in boekvorm. Aan u is het dan, de keuze der stukken te bepalen. Ik denk vooral aan uw meesterlijk stuk over Diepenbrock, een stuk proza, dat in iedere verzameling van Nederlandsch proza behoorde te staan! En zoo zijn er meer. U kunt daar zelf het beste uw gedachten over laten gaan. Als nummer van de Vrije Bladen zou deze bundel in September reeds moeten verschijnen, met andere woorden, moet hij nu al klaar worden gemaakt wil hij op tijd gereed komen. Ik zou het dus zeer waardeeren, wanneer u van uw kant hiermede ook rekening wildet houden, speciaal wat betreft de daartoe noodige correspondentie.

Denkt u er een kleine inleiding bij te geven? En mogen wij er ook een portret bij afdrukken?

In spanning zie ik uw berichten te gemoet!

Met zeer hartelijke en vriendschappelijke groeten

Constant van Wessem

 

Verblijfplaats: Amsterdam, Bijzondere Collecties UvA