19570222 Ministerie van OK & W B. Wagemans aan Thea Vermeulen-Diepenbrock

Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen (B. Wagemans)

aan

Thea Vermeulen-Diepenbrock

Den Haag, 22 februari 1957

's-Gravenhage

22 februari 1957.

Uw brief

15 januari 1957.

Zeer geachte mevrouw,

Ik ben u nog steeds een antwoord schuldig op uw brief van 15 januari j.l. Ik heb de beantwoording aangehouden omdat ik u zo gaarne een positieve mededeling had gedaan. De kwestie van het z.g.n. ouderdomspensioen is dermate ingewikkeld dat wij hier op het ministerie nog steeds de vraag, welke invloed een en ander op de talloze rijkssubsidies, die worden uitgekeerd, heeft, niet tot een uiteindelijke beslissing hebben kunnen brengen. Vandaar dat wij aan alle instellingen en personen die geldelijke bijdragen van ons ministerie ontvangen, hebben moeten schrijven, dat nagegaan wordt, of door het in werking treden van de algemene ouderdomswet aanleiding ontstaat tot herziening van subsidies. Een dergelijke brief moest uiteraard ook uitgaan naar degenen, die een zgn. persoonlijke toelage ontvangen. De desbetreffende zinsnede treft u ook aan in de brief betreffende het eregeld voor uw echtgenoot. U moet daar echter beslist niets bijzonders in zien en er is zeker geen reden om u ongerust te maken. Zoals ik u hiervoor reeds schreef, kan ik u nog geen definitieve mededeling doen. Het officiële bericht zal nog wel de nodige tijd op zich laten wachten. Wat er uiteindelijk zal gebeuren weet ik niet, maar ik moet u wel zeggen dat het mij uitermate zou verbazen indien aanleiding gevonden zou worden het eregeld te verminderen. Ik moge u raden berichten van het ministerie rustig af te wachten.

Met de meeste hoogachting,

het hoofd van het bureau

Muziek en Danskunst van de afdeling Kunsten,

B. Wagemans.

Verblijfplaats: Amsterdam, Bijzondere Collecties UvA