19460205b Thea Diepenbrock aan Matthijs Vermeulen

Thea Diepenbrock

aan

Matthijs Vermeulen

Amsterdam, 5-6 februari 1946

5 Febr. '46

in den trein.

Matthijs, mijn lieve roepende, vóór ik naar het station ging, kwam net je brief van 1 Febr. nog, een erg verlangende. Je had het over een Zat. waarop ik niet aan je schreef, weet je het nog? Haast altijd post ik 's avonds na de laatste lichting en die brief van Zat. gaat dus Maandag pas weg; daarom kan ik Zat. evt. overslaan zonder jou te "benadeelen". Laatst heb ik Woensd. overgeslagen, dat was erger. Toen heb ik me getroost met de gedachte, dat de post tòch zoo ongeregeld gaat. Die Woensdag kwam het doordat J. den heelen dag thuis was. Zij vindt het vervelend als ik in de kou ga zitten en aangezien de naaister er was, kon ik de sfeer niet te pakken krijgen. Nu is de temperatuur veel zachter en hindert het J. niet meer als ik ergens anders dan in de gestookte kamer zit. Had ik het niet moeten zeggen? Ik verzwijg tegen jou zoo moeilijk iets. Dat zal je kunnen begrijpen, want het gaat jou toch eigenlijk ook zoo.

Het woord "verzwijgen" doet me eraan denken dat het me verdriet dat Moeder niet heelemaal open met me geweest is. Het zal wel in haar systeem gepast hebben van alles alleen uit te vechten en zij zal niet iets hebben willen ophalen dat heelemaal en totaal afgeloopen was voor haar. Maar het verdriet me toch dat zij mij niet gebiecht heeft hoe ver zij heeft willen gaan. Je hebt er al eens eerder op gedoeld en ik dacht het ook wel, want ik herinner me dat J. toèn eens huilende tegen me gezegd heeft: als Moeder er met V. vandoor gaat, dan blijven wij bij Pappie. Ik heb er Moeder nooit categorisch naar gevraagd, maar wat zij mij zei, zooals zij het voorstelde, was het heele geval van vluchtigen aard. Niet eens, maar meerdere malen heeft zij mij gezegd: "och, dat heeft maar zoo heel kort geduurd" en "het was eigenlijk om Pappie te plagen". Nu wist ik wel beter, ik wist dat het een passie geweest was, maar à force van het bij herhaling te hooren, is toch die gedachte dat zij van Pappie heeft willen scheiden bij me op den achtergrond geraakt. En wat me een beetje pijn doet hierin, is dus dat zij niet intiem met me geweest is. Zij was niet intiem, met niemand. Ik vind dat groot en te bewonderen – ik zou het niet kunnen – en toch, kan je het met me meevoelen? er is dus iets onuitgesproken, ik zou bijna zeggen, onverzoend gebleven, terwijl ik toch juist de verzoening tot stand gebracht had.

Je hebt me nooit geantwoord of je je in kunt denken dat het geval E. voor mij altijd nog een moeilijkheid beteekent. Als wij op een dag elkaar "in vleesch-en-bloed" zullen beminnen en ik denk dan: "zoo deed hij ook met Moeder", daar is iets heel verwarrends in, vind je niet?

Ik dacht eigenlijk dat het na den zomer [van] '17 niet veel kans meer had gekregen, omdat Pappie toen heftig ingegrepen had. Hij is immers jullie achterna gereisd naar Brabant? Kan je me dat voorval vertellen?

6 Febr.

Het was de Müllerin gisterenavond. Er werd erg gehoest en Bertus had ook wel het gevoel dat het niet erg insloeg – ik heb er geen last van gehad, het hoesten leek mij meer verkoudheid dan verveling te zijn en de sfeer was niet zoo dat je zegt: wat doe ik hier eigenlijk. Integendeel, als ik iets speciaal moois deed, kon je merken dat het niet heelemaal spoorloos voorbij ging aan de menschen. Dat was me al genoeg en daar ik een mooie vleugel had, zat ik voor mijn plezier te spelen. In één van de coupletliederen, Blumengruss, heb ik een tusschenspelletje van 1½ maat en dat speelde ik 4x (d.w.z. de 3e keer lukte het niet heelemaal) een beetje verschillend naar gelang van de voorafgaande woorden. Geèn mensch die het hooren kan, ik geloof zelfs, een ideale luisteraar niet, of je zou hem er op opmerkzaam moeten maken; eigenlijk onzin dus, maar mij gaf het pret (schik, zooals Engeljan zegt, met een Zuidelijke sch.) in het geval. Als je een mooi instrument bespeelt, kunnen zulke dingen gebeuren, en aangezien dat betrekkelijk een zeldzaamheid is, gaf het mij plezier en dacht ik aan de menschen maar niet veel.

Sinds verleden week gaat er nog een late trein uit Rotterdam; wel gemakkelijk om niet te hoeven blijven logeeren. Ik was om ½ 2 thuis, ben tot 9 u. in bed gebleven en om ½ 10 naar de Mis gegaan voor mijn patroonsfeest. J. heeft een prachtige tasch voor me meegebracht uit Parijs.

Van jou niets omdat het Woensdag is. Maar die brief van 1 Febr. heb ik nog niet heelemaal beantwoord. J. heeft Wiessing onlangs ontmoet, hij heeft in Engeland gezeten. Ik geloof eigenlijk niet dat hij over Pappie wat te vertellen heeft – ik weet niet meer waarom ik dat denk – maar hij komt waarschijnlijk binnenkort op de lezing van Maas G. Wat zal ik je raden in zake de Vrije Katheder? Het is een uitgesproken communistisch blad. Die 4-mains-middag van mij laatst was ook door de V.K. georganiseerd. We hebben het er wel over gehad of ik het kon doen; iemand had ons gewaarschuwd, dat het een mantel-organisatie is. Ik kon daar toen niet goed van af, omdat Flothuis het me zoo dringend vroeg en het voor hem ook weer een hartsaangelegenheid was, omdat die partnerin van me nogal een erg vriendinnetje van hem is, aan wie hij dat engagement wilde bezorgen. Maar nu vind ik die concerten en lezingen (Engeljan heeft er ook gelezen) wel wat anders dan het blad. Ze geven uitstekende concerten, waarbij het echt om de programma's te doen is en de communistische tendenz is daar dus geheel op den achtergrond. Maar het blad? Heeft W. je een ex. gestuurd? Er is natuurlijk ook altijd de andere kant: kun je goed doen door een ander geluid te laten hooren? Doe het eigenlijk maar. Jij staat als vrijbuiter bekend en in die kwaliteit kan je er bij die communisten misschien wat ingieten, wat ze anders niet zouden accepteeren.

Die Bekius is, meen ik, aan het Handelsblad verbonden geweest, voor muziek in den Haag. Is nu zeker als collaborateur geschorst en heeft een onderdak gekregen bij "Hollandia". Het zal je gebeuren!

Apropos van moraliseeren: zou je je met je broer maar niet verzoenen? Hij begrijpt niet dat jij de pap staat te roeren en jij begrijpt niet dat hij dat niet begrijpt – ben je dan eigenlijk niet quitte? Het was grof tegenover Anny – maar, mijn hemel, als je je voor iedere grofheid moest brouilleeren in dit land van runderen…

Ik had er vanochtend op uit willen gaan om wat voor je paketje te koopen, maar ik moet wachten op iemand die later komt dan ik dacht. Dan ga ik de kachel maar aanmaken, voor een leerling die straks komt. Tot morgen, mijn o zoo lieve Matthijs. Ik denk soms of ik in Utrecht in den trein zal stappen, als je hier komt, en hoe dat zijn zou. Soms denk ik ook aan een zomersch samenzijn in L. zonder je dochter. Heeft zij antwoord van dien Pater? En heb je bericht van Donald? Hoe was dat afscheid – net alsof je voor een weekje uit elkaar ging? Zonder "sentiment"? Ik neem voor een dagje afscheid, zonder en met "sentiment"!

je Thea

aant.

mijn patroonsfeest: Heilige Dorothea op 6 februari