19590204 Matthijs Vermeulen aan Prins Bernhard Fonds-concept

Matthijs Vermeulen (J.H. Mulder)

aan

Prins Bernhard Fonds

Laren, 4 februari 1959

4 Febr 59

Hooggeachte Heer Mulder,

Uw schrijven van 31 Jan., meldend dat mijn stipendium met acht maanden verlengd wordt, heeft mij diep getroffen. En het is niet enkel de tijding van deze onverwachte, ons zozeer ter stede komende hulp, die mij roert, maar wellicht meer nog het teken van menselijke voorzienigheid, als ik deze zeldzame ervaring zo noemen mag, waardoor ik ben aangegrepen en dat mij stemt tot de innigste dank.

Uw mededeling verheugt mij des te sterker omdat sinds Mei vorig jaar het zelfverwijt mij achtervolgde van een afspraak met U welke ik niet had kunnen houden. Verschillende omstandigheden waaraan ik meende mij niet te mogen onttrekken (zoals/o.a. de verschijning van het boekje De muziek dat wonder) hadden de regelmatige ontwikkeling van mijn werk vertraagd, en toen de datum van de inlossing mijner belofte aanbrak had ik U niets te berichten dan een aanzienlijke achterstand. Ik had nog hoop de verloren tijd te kunnen bekorten. De autokritiek echter, die ik moest uitoefenen op de in Juni klaar gekomen partituur-schets verijdelde die wens. Ik heb steeds liever verbeterd alvorens een uitvoering dan daarna, en ditmaal, wijl ik mij met de grootste duidelijkheid rekenschap gaf van mijn verantwoordelijkheid, waren mijn onderzoek en mijn oordeel strenger dan ooit. Daardoor kon pas op 5 November de eindstreep gezet worden. Eenmaal zo ver uit de buurt van de vastgestelde datum was mijn gedachte: Ik zal U een exemplaar der partituur zenden tegelijk met een rapport over de toedracht van mijn arbeid, en mijn verontschuldigingen.

Tot mijn onuitsprekelijke verbazing, die mij ongekend weldadig aandoet, is U mij vóór geweest, en hoe perfect humaan, hoe bemoedigend. Welk een compensatie voor vele teleurstellingen uit het verleden! Ik mag wel geloven dat deze Zesde Symfonie, welke ik titelde "Les minutes heureuses", onder gunstige auspiciën in de wereld gaat. Ik moet nu ook wel met dubbele kracht hopen dat alle ingevingen en alle berekeningen waarop de symphonie gefundeerd is, tot een bevredigend resultaat leiden, wanneer de gecomponeerde noten aan de werkelijkheid van een uitvoering getoetst worden. Want eerst na die proef op de som heeft een componist daarover zekerheid.

Aan het eind van deze week of in 't begin der volgende denk ik U een exemplaar te kunnen toezenden van de partituur.

Wilt U de goedheid hebben de gevoelens van diepe erkentelijkheid welke ik hier gepoogd heb enigermate uit te drukken, mede namens mijn vrouw, over te brengen aan het dagelijks bestuur van het Prins Bernhard-Fonds?

Met de meeste hoogachting,

MV.

concept

Verblijfplaats: Amsterdam, Bijzondere Collecties UvA