19270308 A. Roland Holst aan Matthijs Vermeulen

Adriaan Roland Holst

aan

Matthijs Vermeulen

Bergen, [8] maart 1927

Bergen, N.-H.

Maart. 1927.

Dinsdagavond

Beste Thijs,

Je zult mij wel erg onaardig vinden, dat ik je niet eerder schreef op je langen brief, die mij een waar geluk was, want, dat "De Afspraak" zóó regelrecht ingang tot je hart zou vinden, dat had ik niet durven hopen. En daarna je meer dan prachtige stuk over Beethoven! Rik is er even enthousiast over als ik. Het is als een spoorslag en een revelatie. Ik ben trots op dit nummer van "de Gids"!

Dat ik je niet eerder schreef, kwam omdat de dag van mijn opreisgaan steeds half bepaald werd en dan weer werd uitgesteld. Dat ik je nu haastig schrijf, komt omdat die dag nu bepaald is op a.s. vrijdag, zoodat ik erg in de drukte zit (want ik ga voor enkele maanden weg), en bovendien omdat ik je nu gauw hoop te spreken. Dit briefje dient dan ook slechts om een afspraak te maken.

Ik hoop Zaterdagavond in Parijs te arriveeren en er een week te logeeren: chez Mme J. Smit. 36. rue St. Didier. Kunnen wij nu niet voor Zondag alvast een afspraak maken? Schrijf mij even naar dat adres, zoodat ik Zaterdag bij aankomst bericht van je vind. Ik kom graag naar jullie toe als dat schikt. Maar leg mij dan wel in je briefje precies uit welke trein ik nemen moet, etc. en houd er rekening mee, dat ik dien Zondag waarschijnlijk wel graag wat uit zal slapen, zoodat ik liefst in het begin van den middag ga. Mocht 't jou beter uitkomen mij in Parijs te ontmoeten, zeg dan maar waar en hoe laat. Ik verlang er erg naar je eindelijk weer eens te zien. Uit je laatste brieven behield ik 't gevoel van net bijtijds een kostbaar contact van hart en geest terug te hebben gevonden.

Tot Zondag, hoop ik. Hartelijke groeten, ook aan je vrouw,

van je

Jany