19590220 Sepha van Beinum-Jansen aan Matthijs Vermeulen

Sepha van Beinum-Jansen

aan

Matthijs Vermeulen

Amsterdam, 20 februari 1959

Amsterdam 20 Febr. '59

Beste Matthijs,

Eed vraagt me, je te schrijven, en te antwoorden op je twee laatste brieven. Wees als je blieft niet boos of teleurgesteld dat hij 't zelf niet doet, want hij is al een hele tijd ernstig ziek en ligt sinds gisteren in 't Maria Paviljoen.

Je voorlaatste brief heeft hem veel zorg gegeven en hij had je graag zelf, véél eerder, geantwoord.

Hij begrijpt namelijk zoo goed je teleurstellingen en je miskend en verwaarloosd voelen, ook zelfs door hem, en hij vindt dat je in sommige opzichten gelijk hebt. Het is voor zijn gevoel niet véél, wat hij voor je heeft kunnen bereiken, al is 't een schrale troost, hij heeft niet "eens voor een keer" zijn best voor je gedaan maar altijd als 't hem mogelijk was.

Die mogelijkheid werd helaas wél meerdere keeren te niet gedaan door zijn gebrek aan physische kracht, waardoor hij zich niet capabel voelde zich ervoor in te zetten.

Maar wat de "Passacaglia" betreft, is hij heel tevreden over 't aantal keeren dat hij die overal heeft kunnen brengen.

De laatste tijd is hij, in verhouding met zijn gezondheid, zwaar overbelast. Met... piekeren over allerlei mistoestanden waar hij ten nauwste bij betrokken wordt en waar niets aan te doen schijnt. Dit, èn een griep met allerlei complicaties van longen en nierstreek hebben zijn gewone kwaal (vaatkrampen) bijzonder verergerd, zoodat hij op 't oogenblik een onderzoek en een moeilijke kuur ondergaat.

Wat 't resultaat zal zijn weten we nog niet, en daarom verzoekt hij je, om er géén ruchtbaarheid aan te geven. We hopen er 't beste van en als hij wat beter is zal ik je symphonie voor hem meenemen naar 't ziekenhuis.

Hartelijke groeten, ook aan je vrouw en dochter van Eed en Sepha

louter in transcriptie overgeleverd

Verblijfplaats: Amsterdam, Bijzondere Collecties UvA