19410827 Cécile Frenkel-de Jong van Beek en Donk aan Anny Vermeulen-van Hengst

Cécile Frenkel-de Jong van Beek en Donk

aan

Anny Vermeulen-van Hengst

Méréville, 27 augustus 1941

La Marjolaine

Méréville, S.et O.

27 augustus.

Lieve Mevrouw,

Tot mijn spijt heb ik uw lieven brief zoo lang onbeantwoord gelaten. Ik hoop dat U niet gedacht hebt dat het onverschilligheid was.

Maar ik wenschte zoo zeer U een kleine verlichting bij al uwe zorgen te zenden en van dag tot dag, wachtend op mijn geld uit Holland, dat maar steeds niet kwam, stelde ik mijn schrijven uit. Nu heb ik eindelijk een deel van hetgeen de Duitsche overheden mij hebben toegestaan, ontvangen en ik haast mij U hierbij eenige papiertjes te zenden(duizend frs.)

Hartelijk hoop ik dat uw zoon de gevangene, bij U is teruggekeerd. Ik geloof dat alle soldaten die hier in het land gevangen waren, nu bevrijd zijn. Of vergis [ik] mij daarin? Heeft hij werk kunnen vinden?

Ik vermoed en hoop dat de heer Knappert U de "prêt d'honneur" heeft gegeven? Als iemand daar recht op heeft, dan is het wel Holland's groote componist!

En hoe is nu de gezondheid van uw tweeden zoon? De koele vochtige zomer is misschien niet weldadig voor hem geweest? In Frankrijk beleeft men maar zelden zulk een zonlooze zomertijd.

Voor mijn vier kleinkinderen, die nu met de vacantie bij mij zijn even als hun ouders, is die voortdurende regen ook een teleurstelling, maar gelukkig weten zij zich met alles te vermaken en ondanks alles volop te genieten. Voor mij is het een heel hoofdbreken hoe dat heele troepje genoeg voedsel te bezorgen. Het oude, groote, eeuwige gebed: "Geef ons heden ons dagelijksche brood" heeft in dezen tijd meer dan ooit een diepen zin! Misschien wordt overal thans zooveel gebrek geleden omdat de meeste menschen dit gebed niet meer bidden.

Uit Holland kreeg ik in het begin van deze maand een innig lieven brief van Thea. Zij en Joanna waren samen op een stil plekje buiten en genoten van de rust.

Vergeef mijn kort briefje, lieve Mevrouw. Het leven is op dit moment zoo druk voor mijn kleine krachten, dat ik aan mijn correspondentie zoo weinig mogelijk tijd mag geven.

Gelooft U mij, lieve Mevrouw, met de hartelijkste sympathie

uwe C Frenkel de Jong vBeD

Verblijfplaats: Amsterdam, Bijzondere Collecties UvA