19481202 Rudolf Escher aan Matthijs Vermeulen

Rudolf Escher

aan

Matthijs Vermeulen

Amsterdam, 2 december 1948

Amsterdam 2 Dec. 1948

Beste Matthijs,

De uitvoering van mijn Concerto voor strijkorkest gaat door. De uitvoering wordt niet ideaal; dat is onmogelijk, gezien het overladen werk-program der musici. Maar redelijk goed, en – als alle omstandigheden gunstig zijn méér dan dat – wordt de uitvoering zeker. Vanmorgen is de hele repetitie er aan gewijd. Vóór de pauze bleef het maat-slaan en tellen. Voor mij voldoende om vast te stellen dat het werk mij nergens voor verrassingen plaatst. Het klinkt precies zoals ik het wenste. In de rust was van Beinum (die bek-af is) moedeloos. Maar aangezien de tijd ervoor gereserveerd was, ging hij na de pauze verder. Op mijn verzoek met het derde deel, en nu in tempo. Ineens: dag en nacht. Een gespannen musiceren, en een voelbare reactie ten gunste bij alle uitvoerenden. (Na afloop kwamen verscheidene spelers mij complimenteren). "Het gaat wel" zei Eduard na afloop. Voor mijn gevoel is er meer te doen aan het middendeel (Rondo), om alles gaaf en spiritueel te krijgen . Maar aan de muziek zijn we vandaag in 't geheel niet toegekomen. Dat moet nu allemaal op Vrijdagmorgen 10 Dec. gebeuren. Meer tijd is er niet. De musici hebben hun partijen weer mee naar huis. Als je tijd en lust hebt, kom je dan die Vrijdag luisteren? Ik zou het prettig vinden als je het deed. De repetitie is van half 10 – 12 uur.

In haast – je

Rudolf.

Verblijfplaats: Amsterdam, Bijzondere Collecties UvA