“ Zodra muziek Schoonheid is, bestaat er geen onderscheid van oude en nieuwe methoden, van gewoonte of ongewoonte, van moeilijk of gemakkelijk voor de hoorder. Dan wordt zij natuurkracht. ”
Matthijs Vermeulen

en fr de

LES FILLES DU ROI D'ESPAGNE voor mezzosopraan en piano (1917)
 
Het was op een dag in het voorjaar van 1917 dat Vermeulen, terwijl hij zijn redactiewerk deed op het bureau van De Telegraaf, door zijn collega Jan Greshoff de tekst kreeg voorgelegd van Les filles du roi dEspagne, een van de talrijke Ballades françaises die Paul Fort (1872-1960) schreef naar voorbeeld van oude teksten. In dit prozagedicht bedient Fort zich van het procédé van de herhaling. Uit de telkens terugkerende versregel "la guerre et ses canons" is te raden dat de oor­log op de achtergrond speelt. De dochters van de koning van Spanje zijn in slaap gevallen in de schaduw van een olijfgaard, mijmerend over hun geliefden. Een van de prinsessen is gestorven "dans ses amours", wetende of voorvoelende welke tol het slag­veld, ver weg, eist. Over het gedicht dat nergens concreet wordt – het eindigt even onbestemd als het begonnen is –, ligt een waas van onheil en liefdesverlangen.
         Het lokte Vermeulen aan om op deze verzen waarin Fort "zingt en zich wegdroomt in een blauwe en vage eindeloosheid, altijd terugvallend op zijn eerste uitgangspunt", een lied te componeren overeenkomstig structuur en karakter van de tekst. De naïviteit van de woorden is in de muziek gehandhaafd. Het refrein waarmee het lied begint, klinkt als een simpel kinderwijsje of aftelrijmpje dat men neuriet. In de tussenliggende gedeelten echter zitten, zowel in de zangstem als in de begeleiding, subtiele variaties en finesses van melodie en harmonie. Elk van de prinsessen bezingt op haar manier de geliefde, en de teleurstelling over zijn afwezigheid. Het lied is intiem en ingehouden. Met het laatste "helaas" blijft een stil verdriet achter.
 
Les filles du roi d’Espagne
Paul Fort
 
La terre et l’horizon.
Le ciel et trois pigeons.
La mer et les moutons.
La guerre et ses canons.
L’amour sommeille…
 
Derrière chez mon père
Y-a-z-un olivier doux.
Les filles du roi d’Espagne
sont endormies dessous. Las!
 
J’aime celui qui m’aime,
ô gai, gai, gai,
j’ai le cœur tant gai.
J’entends le dieu d’Amour
sonner sons, sons, sonner mille sons.
La terre et l’horizon.
L’amour sommeille…
Les filles du roi d’Espagne
sont endormies dessous.
La première dit: ‘Mes sœurs’,
dit: ‘Mes sœurs, il est jour.’ Las!
 
J’aime celui qui m’aime,
ô gai, gai, gai,
j’ai le cœur tant gai.
J’entends le dieu d’Amour
sonner sons, sons, sonner mille sons.
Le ciel et trois pigeons.
L’amour s’éveille…
La première dit: ‘Mes sœurs’,
dit: ‘Mes sœurs, il est jour.’
La deuxième dit: ‘Mes sœurs’,
dit: ‘Où sont mes amours?’ Las!
 
J’aime celui qui m’aime,
ô gai, gai, gai,
J’ai le cœur tant gai.
J’entends le dieu d’Amour
sonner sons, sons, sonner mille sons.
La mer et les moutons.
L’amour s’éveille…
La deuxième dit: ‘Mes sœurs’,
dit: ‘Où sont mes amours?’
La troisième, elle est morte,
est morte dans ses amours. Las!
 
J’aime celui qui m’aime,
ô gai, gai, gai,
J’ai le cœur tant gai.
J’entends le dieu d’Amour
sonner sons, sons, sonner mille sons.
La guerre et ses canons.
L’amour sommeille...
 
La terre et l’horizon.
Le ciel et trois pigeons.
La mer et les moutons.
La guerre et ses canons.
L’amour sommeille…
 
 
get the Flash Player
standaardweergave